zondag 29 januari 2012

Ruige mest

“Beste leden, hierbij ontvangt u het inschrijfformulier voor ruige mest en andere meststoffen.” Kijk, met dit eerste mailtje van de vereniging voel ik me er echt helemaal bij horen! Ik heb alleen geen idee wat ruige mest is. Met een grove structuur? Van wilde dieren? En past mest wel bij ecologisch tuinieren, je weet wel, gebruikmaken van de kringloop op je tuin? Ik moet denken aan mijn compostvat, waar ik behalve tuinafval ook wat lege eierdozen in zag liggen. De inhoud komt op mij behoorlijk verdroogd over en ik vraag me af of het niet beter is er opnieuw mee te beginnen. Onwillekeurig moet ik ook denken aan de EHEC-bacterie, die net breed in het nieuws kwam toen ik vorig jaar in Duitsland was en rauwkost kreeg geserveerd. Ik zal de ledenvergadering in februari maar even afwachten. Een van de tuinders gaat op die avond iets vertellen over compost. Ik hoop dan meteen nog wat meer deskundige vrijwilligers te kunnen strikken om me op weg te helpen. Van de cursus Tuinonderhoud bij de Volksuniversiteit moet ik het namelijk niet hebben. Voor de tweede keer dit schooljaar zijn er te weinig aanmeldingen om die te laten doorgaan. Ik was nu zelfs nog maar de enige geïnteresseerde…

woensdag 25 januari 2012

Voorjaarskriebels

Misschien komt het omdat de merels al zo hard zingen en de struiken uitlopen. Omdat het begin januari buiten zo heerlijk zacht was. Omdat de dagen weer langer worden. Of misschien wel omdat ik na twee jaren ploeteren door de sneeuw dit jaar helemaal geen zin heb in winter. Ik heb het voorjaar dus in mijn hoofd. En dat gaat bij mij gepaard met behoefte aan schoonmaken. Afstoffen, uitsoppen, weggooien. Heerlijk. Een oud-collega zei eens tegen me dat alleen vrouwen kunnen zeggen dat ze “lekker hebben opgeruimd”. Voor hem was er duidelijk niets positiefs aan de boel eens flink doorluchten en opnieuw ordenen. Maar ik had daar dus vreselijk behoefte aan, en dat al in januari. Omdat het afnemende maan was en de maankalender aangaf dat het een perfect moment was om schoon te maken, twijfelde ik niet langer en haalde mijn hele schuurtje leeg. Ik snap ook wel dat dat binnen een paar maanden weer vol ligt met zand, stof, takjes en blaadjes. Maar voor nu geeft het mij een goed gevoel dat alles afgestoft en wel keurig netjes op een logische plek ligt.
Voorjaarsschoonmaak op 14 januari

zaterdag 21 januari 2012

Een nieuw vocabulaire


Mooie vormen, mooie namen: tuingereedschap
Zo'n nieuwe hobby brengt ook een nieuw jargon met zich mee. Voor iemand met een bovengemiddelde interesse in taal is dat een leuke bijkomstigheid. Zo lees ik de Gamma-krant niet voor de aanbiedingen, maar vanwege de prachtige samengestelde woorden. Zuilventilatorkachel, mandenkast, accuschroefboormachine, plafondrenovatieplaat, tegelzaagtafel. Je wist niet eens dat die dingen bestonden en toch begrijp je in één keer wat er wordt bedoeld. Met sommig tuingereedschap is het net zo. Dan zoek je bijvoorbeeld een hulpmiddel om mooie rechte grasrandjes te maken, zeg maar een graskantafsteker. Blijkt dat ding echt zo te heten. Over de bladhark en de voegenkrabber kan ook geen misverstand bestaan. Met een beetje algemene ontwikkeling weet je ook nog wel wat een spade of een schoffel is. Maar dan wordt het lastiger: wat doe je bijvoorbeeld met een hak? En sommige woorden zetten je ronduit op het verkeerde been: met een krabber woel je de aarde los. Het mooiste woord tot nu toe vind ik het werkwoord tuinen. Dat doen mensen die een volkstuin bij onze vereniging hebben. Ik tuin, jij tuint, hij tuint. De Dikke van Dale geeft vier betekenissen van tuinen, waarvan als tweede 'tuinieren' met de toevoeging w.g. oftewel: weinig gebruikt. Nou, niet bij ons hoor, daar wordt wat afgetuind.



woensdag 18 januari 2012

Duf


Op een zaterdagochtend was ik duf. Ik had vrijdagavond heerlijk gesport en daarna goed geslapen, maar toch. Duf dus. Zou het dan wel verstandig zijn om in de tuin aan de slag te gaan, zoals ik me had voorgenomen? Er was maar één manier om dat te ontdekken. Al toen ik mijn gereedschap tevoorschijn haalde om de grasrand langs het algemene pad te fatsoeneren had ik het antwoord. De mist in mijn hoofd trok op en ik kreeg nieuwe energie van mijn klusje. Toen ik na afloop ging zitten met een broodje, trokken ook de wolken even voor de zon vandaan en genoot ik van mijn eerste lunch buiten. Als het hier nu al zo lekker is, hoe heerlijk moet het in de zomer dan wel niet zijn!

 
Eerste lunch buiten op 7 januari

Met plezier was ik blijven zitten en had ik mijn paadje verder schoongemaakt, maar ik had een afspraak om naar het tuincentrum te gaan. En die wilde ik toch zeker niet missen. Van mijn ouders kreeg ik een prachtige spade cadeau. Na de grasrandjes kan ik dus de bedden gaan omspitten!

zondag 15 januari 2012

De eerste klus

"Wat moet ik volgens jou nu als eerste doen?", vroeg ik aan vriendin D. nadat ik haar mijn tuin had laten zien. Het leek me leuk om die vraag aan al mijn bezoekers te stellen. Vooral omdat iedereen in mijn omgeving meer verstand van tuinieren heeft dan ik. "Ik zou beginnen met het pad vrijmaken", zei ze resoluut. Dat pad had ik een paar minuten eerder tijdens mijn rondleiding ontdekt. Het was me wel opgevallen dat het pad ter hoogte van de lavendel opeens ophield, maar niet dat het onder een dikke graslaag verder bleek te gaan. Terwijl ik met mijn vriendin langs de bedden liep, voelde ik opeens iets hards onder de punt van mijn schoen: het verborgen pad. Om niet steeds door het zompige gras vol mos en afgevallen blad (de volgende klus) te hoeven lopen, leek het me inderdaad verstandig met deze overzichtelijke klus te starten. Tussen kerst en oud&nieuw profiteerde ik van twee droge dagen en legde het pad weer in zijn geheel bloot. De eerste klus was een feit - en de eerste spierpijn ook.

Het verdwenen pad

Het verschenen pad

woensdag 11 januari 2012

Rijkdom

Vlak voordat de tuin officieel van mij is, ontmoet ik op 10 december de huidige huurster. Met pijn in het hart sorteert ze haar spullen en draagt er een heleboel aan mij over. Ze vertelt me wat een heerlijke tuin het is en hoe zij die de laatste twee jaar heeft verzorgd. Ze blijkt precies hetzelfde boek voor beginnende ecologische tuinders gebruikt te hebben! Ik kom dus in een gespreid (groente)bed. Ik weet nu ook welke fruitbomen er staan: twee appelbomen (verschillende rassen) en een pruimenboom. Bovendien blijk ik een hazelaar, frambozenstruiken en een zwarte bes te hebben. Wat een rijkdom! Terwijl we staan te praten, komt een pimpelmees het rechternestkastje inspecteren. Dat overigens bedoeld is voor een winterkoninkje; het mezenkastje hangt links. Het bevalt hem (of haar?) kennelijk wel goed: de pimpelmees vliegt een paar keer in en uit en lijkt goedkeurend om zich heen te kijken. Geen wonder, hij heeft de mooiste tuin uitgekozen!

zondag 8 januari 2012

Het eerste rondje door mijn tuin

Op de eerste dag van december, terwijl het er heerlijk zacht aanvoelt als eind oktober, krijg ik van de penningmeester een rondleiding over het volkstuinencomplex. We beginnen bij de tuin die straks van mij zal zijn. "Hier staan een paar fruitbomen, die moeten van de winter gesnoeid worden." 'Fruitbomen snoeien', noteer ik in gedachten op mijn actielijstje. "In het verenigingsgebouw staan boeken over snoeien", vervolgt de penningmeester, mijn snoeikennis juist inschattend. 'Boeken over snoeien lezen', voeg ik aan mijn lijstje toe. En meteen eens zien te achterhalen wat voor bomen het nu eigenlijk zijn. Drie verschillende soorten zo te zien, maar zonder vruchten eraan ben ik nog niet in staat ze te herkennen. Thuisgekomen stamp ik de vochtige zwarte aarde van mijn schoenen. 'Laarzen kopen', zet ik bovenaan mijn actielijstje.

zaterdag 7 januari 2012

De droom

In een opwelling kocht ik begin juni 2011 het boek Ecologisch tuinieren voor beginners. Ik hád nog helemaal geen tuin, ik droomde er alleen van. Ik zag helemaal voor me hoe ik mijn eigen groenten zou kweken en workshops over gezond en vegetarisch eten zou geven. Hoe ik "stadsmensen" aan een lange tafel zou uitnodigen om te laten zien, horen en proeven. Ik zou die tuin trouwens openstellen voor iederéén die zich wil laten inspireren door de natuur: yogi's, schilders, schrijvers. En uiteraard zou ik gewoon lekker zelf van de tuin gaan genieten. Zowel van het erin werken als het erin zitten. Van de zaadjes die opkomen, de bloemen die uitkomen en de vogels die langskomen. Een naam had ik ook al: Datscha, naar de naam van het Russische café in Berlijn waar ik over mijn tuin zat te dagdromen. Een datsja is een Russisch buitenhuisje, als vakantiebestemming voor stedelingen in de zomer. Toen ik terugkwam van vakantie besloot ik er werk van te maken. Ik kwam op de wachtlijst en nu na een halfjaar is het zover: ik heb een tuin!