woensdag 23 mei 2012

Experiment

If you can't beat them, join them. Dat moet zo'n beetje de gedachte zijn achter het maken van gier, vloeibare mest gemaakt van onkruid. Ik las erover in het geweldige boek 'Met mest en vork', waar ik binnenkort toch echt eens wat meer over moet schrijven. De auteurs van dat boek telen zelfs speciaal heermoes voor hun gier, maar dat is bij mij zoals bekend niet nodig... Dergelijke diepwortelende planten kunnen door die eigenschap ook diep uit de grond voedingsstoffen opnemen. Door er een aftreksel van te maken en dat in je tuin te gieten, kunnen de andere gewassen daarvan profiteren. Allerlei "onkruid" is geschikt: paardenbloem, brandnetel, zevenblad, kamille, duizendblad, valeriaan, kleefkruid, zuring - en heermoes bij uitstek, omdat het zwakke en schimmelgevoelige planten helpt en veel opbouwende krachten heeft. Twee planten die volgens het boek niet mogen ontbreken zijn smeerwortel en komkommerkruid. Da's nou jammer. De eerste heb ik (nog) niet en de tweede wil niet opkomen. Maar goed, een emmertje met ander geschikt groen had ik in een mum van tijd vol.


Steen erop, slootwater erbij en nu maar lekker in de zon laten staan tot het gaat stinken. (Naar een plaats uit mijn jeugd heb ik dit experiment dan ook "De stinkende emmer" gedoopt.)


Als dat zover is: overgieten in lege wasmiddelflessen en verdund met water (1:10) na zonsondergang bij de plantjes gieten en over je composthoop. Binnen enkele weken gebruiken en tot gebruik koel bewaren, bijvoorbeeld ingegraven op een schaduwrijk plekje. De onkruidresten uit de emmer niet wegdoen, maar in stukken gehakt op je composthoop gooien. Dubbel plezier van die ongewenste planten dus!

PS Mijn derde column "Bij de bodem beginnen" staat alweer een tijdje op Fabulous Food Fan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten