zondag 29 juli 2012

Cadeautjes


Er leven heel wat mensen mee met mijn tuin. Van sommigen krijg ik zelfs een cadeautje als aanmoediging!
Symbool voor de (moes)tuin: een spade

Handiger dan een knielkussen: kniebeschermers

De ene vriendin kocht twee boeken, een ander ruimde haar zolder op en dacht aan mij

Buurvrouw J. gaf me van de winter deze pastinaak: “Je eerste oogst”

Prachtige handschoenen om bietjes, wortels enz. mee schoon te schrobben onder de kraan; ik overweeg nog om er "Judy" achter te borduren

woensdag 25 juli 2012

Geestverwanten

Eigenlijk mag ik van mezelf even geen boeken meer kopen. “Je hebt nog een hele berg half- of zelfs ongelezen exemplaren liggen die je ook zo graag wilde hebben!”, zegt een vermanend stemmetje in mijn hoofd. Maar toen ik voor de derde keer langs de stapel Met mest en vork in de Natuurwinkel liep, ging ik overstag. En het moet gezegd, dit boek ben ik ook echt metéén gaan lezen! Want dit is het boek dat ik zelf had willen maken. De schrijfster en de fotografe nemen je mee door twaalf maanden werken en genieten in, en eten uit de moestuin.

Zo’n tien jaar geleden verruilden de twee vrouwen de binnenstad van Haarlem voor een boerderij met een flinke lap grond in Groningen. Dat toverden ze om tot een waar paradijs, met bomen, bloemen, beesten – en groenten en fruit dus. Het moet ze bloed, zweet en tranen hebben gekost, maar daar laten ze niet zoveel van zien. En zo is elke bladzijde een stukje paradijs, met prachtige foto’s en tips en trucs om dat zelf ook voor elkaar te krijgen. Het zou mijn verhaal mogen zijn, maar dan met een leuke man in Drenthe ofzo.
De eerste tip uit het boek heb ik al toegepast in mijn tuin, dat was de zelfgemaakte gier. Aan andere tips en de recepten ben ik nog niet toegekomen. Die laatste bieden overigens ook veel vegetariërvriendelijke varianten, al moet je er intussen wel tegen kunnen dat de dames hun eigen haantjes braden.
PS Lees ook deze twee nieuwe publicaties van mij:


zaterdag 21 juli 2012

Het verhaal erachter


Meestal is het goed om het verhaal achter de feiten te kennen. Je zou anders maar eens de verkeerde dingen kunnen gaan denken – of onterecht jaloers worden. Feit: de bietjes van overbuurvrouw L. zijn al rijp voor de oogst en bij mij staan er alleen nog maar een paar voorzichtige blaadjes boven de grond. Verhaal erachter: overbuurvrouw L. zaait niet zelf, maar heeft haar bietjes als kleine plantjes gekocht. Zo komt zij dus aan die voorsprong. L. heeft slechte ervaringen met zaaien, vertelde ze. Zij verdenkt de muizen en de vogels ervan dat die de zaadjes uit de grond pikken. In haar tuinkast waren zelfs zaadzakjes aangevreten en lagen alleen nog de schilletjes van de zonnebloempitten op de plank (*note to self: zaadzakjes weer veilig thuis in de berging opruimen*). Opeens was ik dan ook heel trots op mijn dappere bietenplantjes!
Plantjes van de rode biet, die tot nu toe zowel muizen, vogels als slakken hebben weerstaan. Nu nog hopen dat de bietjes in spe niet wegrotten in de natte grond...

woensdag 18 juli 2012

Schade opnemen

Voor het eerst sinds de overvloedige regenval ging ik weer naar de tuin. Enigszins gealarmeerd door een fotoreportage in de nieuwsbrief van ons complex, met de titel Sawa. De tuinen op de foto’s leken inderdaad meer op rijstvelden dan op slabedden. Gelukkig zag ik mijn stukje grond er niet tussen staan en aangekomen bij mijn tuin werd ik ook niet verrast door een spontane vijver. Maar ook bij mij heeft het weer van de laatste tijd de begroeiing geen goed gedaan. De vrouwenmantel ligt zielig platgedrukt tegen de grond, de bietjes staan een beetje te verregenen en het gras ligt bezaaid met afgevallen, rottende appels en pruimen. Zelfs met de tweede lichting radijsjes (“lukt altijd”) is het niks geworden. Over de ravage die de slakken hebben aangericht zal ik het deze keer maar niet hebben.
Verrassingen waren er ook weer. De stokroosjes-in-wording staan erbij alsof er niets aan de hand is. In het “kruidenbed” (restant van vorig jaar: een dode lavendel, een halfdode tijmplant en een gigantische citroenmelisse) zijn woeste bossen mooie bloemen verschenen. Ik meen prikneuzen te herkennen, en verder is het iets met roze en iets met gele bloemen. Het bakje dat ik had meegenomen om de laatste jostabessen in te doen kon weer leeg mee terug, want de vogels waren me voor geweest. Eindelijk had ik wel een paar frambozen te pakken.
Het grasveld was zó zompig dat ik er niet overheen durfde met de motormaaier en ook de grond in de moestuinbedden voelt totaal anders aan dan een maand geleden. Het deed me denken aan vroeger op het strand, waar je, als je ging graven, heel snel bij het water uitkwam. Zelfs het geluid was hetzelfde.
Tijd om vooruit te kijken en omhoog. Er worden hogere temperaturen en minder neerslag verwacht en ook aan de andere appelboom beginnen de vruchten nu mooi rood te kleuren. Het is half juli en daags voor nieuwe maan, dus ik waag het er dit jaar nog één keer op met venkel, radijs en rode biet – hoewel het volgens de verpakking voor die laatste eigenlijk al te laat is. Om de overgebleven courgetteplanten strooi ik nog wat koffie – mijn nieuwste wapen in de strijd tegen de slakken. Nu maar even duimen dat het weer vanaf komend weekend inderdaad verbetert.

zaterdag 14 juli 2012

Niet in vorm

Naast mijn schuurtje staat een boom. Of eigenlijk is het meer een struik, want in plaats van een stam heeft hij een heleboel rechtopstaande takken, waarvan de meeste boven het schuurdak uitkomen en daar naar alle kanten opzijvallen. "Er komen witte bloemetjes aan", zei buurvrouw J. eerder dit jaar zonder veel enthousiasme. Ik kon hem volgens haar dan ook zeker een heel stuk terugsnoeien. Maar ik wilde die witte bloemetjes eerst wel eens zien. Flink snoeien kan altijd nog, dus ik haalde alleen de takken weg die elkaar of mij erg in de weg zaten. De witte bloemetjes verschenen inderdaad. Ik vroeg me af of het misschien een jasmijn was, maar als stadsmens ken ik die alleen van de plaatjes op de doosjes groene thee en ouderwetse dameszeepjes, dus ik kon het niet met zekerheid zeggen. Medetuinder E. bevestigde een paar weken geleden dat het inderdaad om een jasmijn gaat, toen ze - misschien is dat hier gebruikelijk - kwam vragen of ze een tak mocht afknippen om thuis in een vaas te zetten, "want mijn echtgenoot is er zo dol op en onze eigen struiken zijn nog te jong om bloemen te dragen". Inmiddels weet ik dat de jasmijn kort maar krachtig bloeit. (En zeker als je een tak in een vaas zet, wat ik toen zelf ook maar heb gedaan.) Wat nu overblijft is een ondergrond besneeuwd met witte blaadjes en een boom die niet in vorm is. Daar ga ik komende winter verandering in brengen en voor de takken heb ik al een mooie nieuwe bestemming: rijshout voor de peulvruchten.

woensdag 11 juli 2012

De mooiste roos

Echte rozen zijn prachtig en ruiken heerlijk, maar de mooiste roos is voor mij de stokroos. Grote bloemen, felle kleuren, overvloedig stuifmeel. Een vitale plant die zich met enorme kracht en vaart een weg omhoog baant van tussen de stoeptegels of straatklinkers. Zulke kanjers wil ik tegen mijn schuurtje aan hebben. Uiteraard zelf gezaaid, uit biologisch zaad met EKO-keurmerk. Tijdens een periode van wassende maan eerder dit voorjaar heb ik wat zaadjes in mijn schuurtje laten opkomen. Drie tere plantjes heb ik bij een volgende wassende maan na de IJsheiligen naast mijn schuurtje geplant. Wat nog niet meeviel, omdat de grond daar meer uit wortels dan uit aarde lijkt te bestaan. Voor de zekerheid heb ik er een barrière tegen de slakken omheen gezet, want je weet maar nooit of die krengen dit ook lusten. Al na een paar dagen zag ik dat het eerste plantje was aangeslagen, want daar verscheen een nieuw blaadje aan. Nu afwachten of ze doorgroeien en welke kleur rozen ik krijg - het is een zakje gemengd zaad. Het antwoord op de eerste vraag blijkt deze zomer, voor het antwoord op de tweede moet ik wachten tot 2013.

zaterdag 7 juli 2012

Aan de beurt

Na mijn debuut in april had ik vandaag mijn tweede werkbeurt. Iedere huurder doet in principe vier keer per jaar mee met de algemene werkzaamheden op de eerste zaterdagochtend van de maand. De helft zit er voor mij dit jaar nu dus op. Die algemene werkbeurten hebben wel wat. Zo knapt het complex er lekker van op. Alle delen die van niemand zijn, maar die iedereen gebruikt, worden dan onder handen genomen. Daarom kun je nu weer naar je eigen tuin fietsen zonder te hoeven wegduiken voor overhangende takken en zonder te hoeven uitwijken voor brandnetels. Dit soort lichte snoeiwerkzaamheden zijn min of meer gereserveerd voor de vrouwen. De mannen mogen riet uit de sloot trekken, boomtakken zagen en slootkanten maaien. Maar stoere vrouwen hebben we ook. Die waren vanmorgen druk met tegelpaadjes rechtleggen en verzakkingen wegwerken.

De werkbeurten zijn ook nog eens gezellig. Weer wat nieuwe gezichten en namen leren kennen en weer wat tuinfrustraties en tips uitgewisseld. Een voordeeltje voor mij was dat we dit keer ook de strook achter mijn tuin hebben aangepakt. En passant heb ik mijn doorgang naar de sloot meteen maar eens opengeknipt. Ongelofelijk hoe snel dat allemaal dichtgroeit en hoe snel dat opknapt als je er de heggenschaar in zet. Daar moet je dan niet te voorzichtig mee zijn. De coördinator van vanmorgen deed voor hoe je die meidoorns en andere fikse struiken gewoon zonder pardon drastisch kortwiekt. En dat is misschien nog het leukste van die beurten: je leert er weer een hoop van.

woensdag 4 juli 2012

Ode aan de kapucijner

In mijn top drie van mooiste ontdekkingen in de moestuin staan de bloemen van de kapucijner. Ik was zelfs zó gefascineerd door de prachtige vorm en kleuren dat ik helemaal niet doorhad dat er inmiddels ook al echte peulen aan de planten zaten! Daarom deze keer een ode in beelden aan de kapucijner, van de verschillende stadia bij een en dezelfde plant op een en dezelfde dag. Een potje kapucijners van Hak in de supermarkt zal nooit meer hetzelfde zijn!









En als toegift de onnavolgbare Keltische knoop van de kapucijner:


zondag 1 juli 2012

Nieuw offensief

Ik leef nog steeds op voet van oorlog met de slakken in mijn tuin. Die met die huisjes op hun rug zijn oké. Ik tref er weleens één aan in de jostabes of de frambozen, maar daar richten ze geen schade aan. Nee, dan hun dakloze soortgenoten! Die veranderen mijn moestuinbedden in een slagveld. Ik heb een halve tuin vol heermoes, berenklauw, haagwinde, kweekgras en ander lekker groen, maar naaktslakken zijn kieskeurig en hebben uitsluitend interesse in mijn jonge bonen-, courgette- en pompoenplantjes. O ja, en in mijn aardbeien!



Laatst heb ik al een flinke verdedigingswal tegen die beesten opgetrokken. Helaas hebben er een paar kans gezien daar onderdoor te kruipen. Ik neem aan omdat de regen zand had weggeslagen, want slakken lijken me geen types die gangen graven.
Op mijn blog over deze gevechtsstrategie kreeg ik een aantal reacties - opmerkelijk genoeg vooral van mensen die zelf géén last hebben van slakken. Zodoende kwam ik bij de tips & links van Jelle. Die leerden mij wat ik al eerder had gelezen: de ultieme diervriendelijke antislakkenmethode is nog niet ontdekt. Ik kan mijn arsenaal echter nog wel uitbreiden met een aantal slakkenvriendelijke tactieken om die gluiperds weg te houden bij mijn plantjes, dus ik ben dit weekend weer een nieuw offensief gestart. Nu maar hopen dat de slakken bereid zijn tot een wapenstilstand, want ik ben inmiddels door mijn sperziebonenzaad heen.

In alle yoghurtbekers-zonder-bodem heeft ooit al minstens één keer een sperziebonenplantje gestaan...